Ipsos I&O-zetelpeiling: D66 blijft grootste
Bekijk het rapport (PDF)
In de eerste zetelpeiling van Ipsos I&O na de Tweede Kamerverkiezingen 2025 is D66 de grootste partij. De sociaalliberalen zouden uitkomen op 28 zetels als er vandaag verkiezingen zouden worden gehouden –geen significante verandering t.o.v. het huidige zetelaantal van de partij (26). De PVV is vier zetels kleiner dan D66 (van 26 naar 24, geen significant verlies). Het verschil tussen D66 en PVV is wel significant. Daarna volgen de VVD (21) en GL-PvdA (21).
Geen enkele partij is nu significant groter of kleiner dan bij de verkiezingen.
Figuur 1: Zetelpeiling Ipsos I&O 15 december 2025
‘Op welke partij zou u op dit moment stemmen bij de Tweede Kamerverkiezingen?’
Basis: heeft partij van eerste voorkeur (n=1.958).

Vertrouwen in overheid licht toegenomen
Het lijkt erop dat met de verkiezingen en het begin van de formatie, de stemming in het land iets opklaart. Dat zien we aan de steun voor de maatregelen die D66 en CDA naar buiten hebben gebracht (zie hierna en in paragraaf 2.7).
Verder wijst het licht gestegen vertrouwen in de landelijke overheid sinds september 2025 hierop (van 29 naar 34 procent). In juni 2024, rondom het aantreden van het kabinet-Schoof, was het vertrouwen flink gestegen naar 42 procent. Gedurende deze regeerperiode nam het vertrouwen mondjesmaat af. Nu signaleren we dus weer een lichte stijging.
Minderheidskabinet D66, CDA en VVD niet geliefd, maar wel acceptabel
Momenteel zijn D66, CDA en VVD met elkaar in gesprek over het vormen van een nieuw kabinet. Een minderheidskabinet van deze drie is een optie, maar het fenomeen ‘minderheidsregering’ is niet populair in Nederland: slechts 11 procent zou dat een goede zaak vinden (nog afgezien van de deelnemende partijen).
Het is dan ook niet verwonderlijk dat de combinatie D66, CDA en VVD (als minderheidskabinet) slechts de voorkeur heeft van 9 procent van de Nederlanders. Combinaties waarbij JA21 (21%) of GL-PvdA (24%) wordt toegevoegd worden vaker als voorkeursoptie aangeduid. Maar er is geen meerderheid te vinden die enthousiast wordt van welke minderheidsregering dan ook.
Als we ook kijken naar het aandeel dat een combinatie acceptabel vindt, blijkt dat de minderheidsregering van D66, VVD en CDA meer draagvlak heeft (9 + 47% = 56%) dan de varianten met GL-PvdA (46%) of JA21 (50%). Kortom, kiezers lopen niet over van enthousiasme voor een kabinet van D66, VVD en CDA maar de meeste kiezers kunnen er wel mee leven.
Figuur 2: Hieronder ziet u een aantal combinaties van partijen die na de Tweede Kamerverkiezingen van 2025 samen zouden kunnen regeren. Kunt u aangeven wat u vindt van elke combinatie? Heeft deze combinatie uw voorkeur, vindt u deze acceptabel of onacceptabel? Basis: allen (n=2.405).

CDA-kiezer kan leven met alle varianten, D66- en VVD-kiezers verschillen van voorkeur
Figuur 3 toont dat de kiezersgroepen van de formerende partijen anders denken over de ideale combinatie. D66-kiezers neigen naar de variant met GL-PvdA, terwijl VVD’ers juist veel liever JA21 erbij hebben. CDA-kiezers hebben geen duidelijke voorkeur voor een van de twee extra partijen, maar het liefst stappen zij in een minderheidskabinet van D66, VVD en CDA.
Figuur 3: % voorkeur + % acceptabel per regeringscombinatie (naar kiezersgroep)
Basis: allen (n=2.405).

Toegenomen scepsis over beteugelen immigratie
In april 2024, enkele weken voordat het kabinet-Schoof officieel aantrad, waren PVV, VVD, NSC en BBB in gesprek over een nieuw kabinet. We stelden toen de vraag welke mogelijke beleidsdoelen van een volgend kabinet kiezers als essentieel beschouwen, en of men verwachtte dat het komende kabinet erin zou slagen deze beleidsdoelen te bewerkstelligen.
We herhaalden deze vragen in deze meting. Opvallend is dat kiezers dezelfde doelen nog altijd het vaakst als essentieel beschouwen. Het beschermen van de democratie (34%) en het verminderen van immigratie (32%) is voor één op drie essentieel. Dat was ook zo in april 2024. Nederland veiliger maken wordt nu iets vaker als essentieel beschouwd dan toen (van 20 naar 24%).
Vijftien procent denkt dat het zal lukken om het aantal immigranten dat naar Nederland komt te verminderen. Dat is fors minder dan in april 2024 (toen 30%). Ook verwacht men minder vaak dat het zal lukken om traditionele waarden en omgangsvormen te beschermen (van 25 naar 17%).
Over het versterken van defensie is men juist optimistischer (van 47 naar 57%).
Tabel 1: Stel dat D66, CDA en VVD erin slagen een kabinet te vormen. Hoe belangrijk is het voor u dat dit kabinet onderstaande bereikt? / In hoeverre verwacht u dat elk doel zal lukken?
Basis: allen (n=2.405).

GL-PvdA-kiezers kunnen zich doorgaans vinden in plannen Jetten en Bontenbal
Op 2 december presenteerden D66 en CDA hun ‘positieve agenda voor Nederland’. In dit stuk doen de partijen uit de doeken wat in hun ogen de uitgangspunten moeten zijn van een volgend kabinet.
Het stuk bevat ook concrete beleidsvoorstellen. Een deel van die voorstellen legden we voor aan het Nederlandse electoraat. In paragraaf 2.7 bespreken we per voorstel hoe kiezers erover denken.
Als we een gemiddelde berekenen van de voorstanders per stelling wordt duidelijk dat D66- en GL-PvdA-kiezers zich het meest kunnen vinden in de voorgelegde voorstellen. Gemiddeld kunnen D66-kiezers voor 63 procent zich vinden in de voorstellen en GL-PvdA-kiezers voor 64 procent. De gemiddelde percentages voor CDA- (58%) en VVD-kiezers (54%) liggen lager, al zijn de verschillen beperkt. JA21-kiezers (gemiddeld 43%) zijn negatiever over de plannen.
Figuur 4: Gemiddeld % voorstander per kiezersgroep van de 21 voorstellen van D66 en CDA
Getoond: alleen % voor + meer voor dan tegen, gemiddeld over voorstellen. Basis: allen (n=2.405).

*Indicatief vanwege een beperkt aantal waarnemingen (n < 50).
Onderzoeksverantwoording
Dit onderzoek vond plaats van vrijdag 12 december tot en met maandagochtend 15 december. Er was geen opdrachtgever. In totaal werkten 2.405 Nederlanders van 18 jaar of ouder mee aan dit onderzoek. De steekproef is grotendeels getrokken in het I&O Research Panel. Een deel (n = 208) deed mee via PanelClix. Dit zijn voornamelijk jongeren, lager opgeleiden en respondenten met een niet-westerse achtergrond.
De onderzoeksresultaten zijn gewogen op geslacht, leeftijd, regio, opleidingsniveau en stemgedrag bij de Tweede Kamerverkiezingen in oktober 2025. De weging is uitgevoerd conform de richtlijnen van de Gouden Standaard (CBS). Hiermee is de steekproef representatief voor de kiesgerechtigde Nederlandse inwoners (18+), voor wat betreft deze achtergrondkenmerken. Bij onderzoek is er sprake van een betrouwbaarheidsinterval en onnauwkeurigheidsmarges. In dit onderzoek gaan we uit van een betrouwbaarheid van 95 procent. Bij een steekproef van n=2.000 en een uitkomst van 50 procent is er sprake van een foutmarge van plus of min 2,2 procent.
Asher van der Schelde
Senior onderzoeker
Peter Kanne
Senior onderzoeksadviseur