Kritiek op militaire acties VS, ‘Nederlandse regering moet zich uitspreken’
Bekijk het rapport (PDF)
Begin januari voeren de VS aanvallen uit in Venezuela waarbij de Venezolaanse president Maduro wordt opgepakt. Ook dreigt president Trump met militair ingrijpen in andere landen, waaronder Iran en Groenland. Ipsos I&O onderzocht hoe Nederlanders kijken naar deze ontwikkelingen en de mogelijke gevolgen voor de NAVO en Europese Unie. De dataverzameling van dit onderzoek liep van 16 t/m 19 januari, voor de uitspraken van Trump over onder meer Groenland op het World Economic Forum.[1]
[1] Trump wil onmiddellijk onderhandelen over Groenland, sluit gebruik geweld uit
Minder vertrouwen in NAVO
Het vertrouwen van Nederlandse kiezers in de NAVO nam het afgelopen halfjaar af. In juni 2025, voorafgaand aan de NAVO-top in Den Haag, had 51 procent van de kiezers heel veel of tamelijk veel vertrouwen in de NAVO. Nu is dat nog 43 procent, wel nog iets meer dan het vertrouwen in de Europese Unie (39%) en de Nederlandse overheid (37%).
Helft Nederlanders verwacht Amerikaanse inval in Groenland
Zes op de tien Nederlanders (60%) geloven dat een Amerikaanse annexatie van Groenland het einde van de NAVO zou betekenen. Ongeveer de helft van de Nederlanders (48%) verwacht dat de VS Groenland zullen innemen, als het hen niet lukt het gebied vreedzaam in te lijven.
Kritiek op militaire acties VS, Nederlandse regering moet zich uitspreken
Nederlanders zijn kritisch op deze Amerikaanse plannen voor Groenland en andere militaire acties van het land. Driekwart van de Nederlanders wil dat de Nederlandse regering zich uitspreekt tegen elke poging van de VS om Groenland in te nemen (77%). Amerikaans ingrijpen tegen het Iraanse regime, dat de afgelopen weken grootschalig protest hard onderdrukte, kan op steun van slechts 20 procent rekenen. Een nog kleiner deel, 12 procent, vindt het terecht dat de VS militaire acties uitvoert in strategische gebieden (een vergelijkbaar aandeel zegt dat over Rusland: 10%).
De Nederlandse regering reageerde terughoudend op de Amerikaanse acties in Venezuela, begin januari. Veel Nederlanders hadden liever een kritischer reactie gezien (52%). Eén op de vijf (20%) vindt de regeringsreactie adequaat – met name kiezers van SGP (44%), VVD (36%), BBB (32%) en CDA (31%). Een kleine groep (7%) vindt dat Nederland meer steun aan de VS moet bieden, de rest heeft er geen uitgesproken mening over.
Figuur 1 – Houding over reactie Nederlandse regering op acties VS in Venezuela

*Indicatief vanwege een beperkt aantal waarnemingen (n < 50).
Kritiek mag niet ten koste gaan van Oekraïne
Over het algemeen lijkt er dus een behoefte aan stellingname van de Nederlandse regering richting de VS te bestaan. Tegelijkertijd wordt dit getemperd door zorgen over de gevolgen voor de veiligheid, met name voor Oekraïne. Met behulp van een aantal split-run stellingen onderzochten we hoe de publieke opinie verandert als we de mogelijke gevolgen van beleid benadrukken. Zo blijkt dat een ruime meerderheid wil dat Nederland het overtreden van internationale regels door de VS duidelijk benoemt (76%). Als we daaraan toevoegen ‘ook als dat slecht is voor de relatie binnen de NAVO’, daalt het aandeel ‘mee eens’ naar 66 procent. En waar 44 procent wil dat Nederland de Amerikaanse acties in Venezuela veroordeelt, daalt dat naar 27 procent als we toevoegen dat dat betekent ‘dat de Verenigde Staten hun militaire steun aan Oekraïne stopzetten’. Met name kiezers van GL-PvdA en D66 zijn erg voor veroordeling, maar komen hierop terug als dat ten koste zou gaan van de verdediging van Oekraïne.
Hernieuwde urgentie voor Europese defensie
Wel lijken de Amerikaanse acties en plannen de urgentie van Europese samenwerking op het gebied van defensie aan te wakkeren. Bijna driekwart (73%) vindt de EU te afhankelijk van de VS op defensiegebied. Dit aandeel nam de afgelopen tijd toe, in december 2024 was 65 procent deze mening toegedaan. Ook verwacht nu nog maar 22 procent dat de VS de Europese NAVO-landen zullen blijven beschermen (was 29% in juni 2025).
Momenteel vindt 52 procent van de Nederlanders dat er een Europees leger gevormd zou moeten worden, in plaats van nationale legers. De steun voor zo’n Europees leger steeg de afgelopen jaren: in 2019 ging het nog om 37 procent, in maart 2025 was dit gestegen naar 52 procent. Vorige zomer zagen we een dip (43%), maar nu is de steun dus weer net zo hoog als afgelopen voorjaar.
Figuur 2 – Stellingen over Europese defensie, over de tijd
Basis: allen. Getoond in figuur: alleen % helemaal eens + eens.

Het gehele rapport kunt u hier downloaden.
Onderzoeksverantwoording
Dit onderzoek vond plaats van vrijdag 16 januari tot en met maandag 19 januari. Er was geen opdrachtgever, Ipsos I&O voerde dit onderzoek op eigen initiatief uit.
In totaal werkten 2.260 Nederlanders van 18 jaar of ouder mee aan dit onderzoek. De steekproef is grotendeels getrokken in het I&O Research Panel. Een deel (n = 231) deed mee via PanelClix. Dit zijn voornamelijk jongeren, lager opgeleiden en respondenten met een niet-westerse achtergrond.
De onderzoeksresultaten zijn gewogen op geslacht, leeftijd, regio, opleidingsniveau en stemgedrag bij de Tweede Kamerverkiezingen in oktober 2025. De weging is uitgevoerd conform de richtlijnen van de Gouden Standaard (CBS). Hiermee is de steekproef representatief voor de kiesgerechtigde Nederlandse inwoners (18+), voor wat betreft deze achtergrondkenmerken. Bij onderzoek is er sprake van een betrouwbaarheidsinterval en onnauwkeurigheidsmarges. In dit onderzoek gaan we uit van een betrouwbaarheid van 95 procent. Bij een steekproef van n=2.000 en een uitkomst van 50 procent is er sprake van een foutmarge van plus of min 2,2 procent.
Maartje van de Koppel
Onderzoeker
Peter Kanne
Senior onderzoeksadviseur