Hart voor Den Haag steviger aan kop in Den Haag
Bekijk het rapport (PDF)
In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezing op 18 maart 2026 voert Ipsos I&O in opdracht van de gemeente Den Haag twee zetelpeilingen uit. Klik hier voor de eerste meting. Dit rapport beschrijft de resultaten van de tweede meting die liep van van 9 tot 22 februari 2026. In totaal namen 1.270 Hagenaars deel aan het onderzoek.
Hart voor Den Haag maakt een goede kans de grootste partij te worden. In deze peiling krijgt Hart voor Den Haag veertien zetels, twee meer dan in de vorige peiling (een nipte significante stijging). GroenLinks-PvdA (9 zetels) en D66 (8) volgen op gepaste afstand.
VVD en Partij voor de Dieren zijn goed voor respectievelijk vier en drie virtuele zetels, terwijl PVV en DENK in deze peiling op twee zetels uitkomen. Tot slot kunnen drie partijen (CDA, FvD en ChristenUnie-SGP) rekenen op één zetel. In het geval van ChristenUnie-SGP betreft dit een restzetel. De gecombineerde lijst komt onder de kiesdrempel uit, maar behaalt in deze peiling door de restzetelverdeling toch een zetel. Voor VOLT, Haagse Stadspartij, SP en 50PLUS geldt dat ze dicht in de buurt van een zetel komen.
Vier partijen maken een significante verandering door t.o.v. vorige maand. Hart voor Den Haag, VVD en de Partij voor de Dieren scoren iets beter, terwijl DENK iets aan steun verliest. Voor DENK geldt dat hun electoraat relatief onzeker is van de stembusgang. Als potentiële DENK-kiezers wel in grote getale naar de stembus komen, zou het zetelaantal hoger kunnen uitkomen.
Als de partij van Richard de Mos daadwerkelijk veertien zetels behaalt, betekent dit een stijging van vijf zetels ten opzichte van de negen zetels die de partij in 2022 behaalde. Hart voor Den Haag is de enige partij die op significante winst staat in vergelijking met de gemeenteraadsverkiezing van 2022. Een aantal partijen staat op (licht) verlies: VVD (-3 zetels), CDA (-2 zetels) en Haagse Stadspartij (-1 zetel).
Figuur 1: Zetelpeiling – ‘Op welke politieke partij zou u gaan stemmen als de gemeenteraadsverkiezing in Den Haag vandaag zou zijn?’
Basis: heeft partij van eerste voorkeur (n= 878)
Balken geven marges aan van twee zetels bij grote partijen (Hart voor Den Haag, D66 en GroenLinks-PvdA) en één zetel bij andere partijen.

Disclaimer: deze peiling moet niet worden gelezen als een voorspelling van de uitslag. Met de zetelpeiling laten we de verhoudingen van dit moment zien. Dit onderzoek vond plaats van 9 tot en met 22 februari. Na dit onderzoek komt de campagne pas echt op gang.
Veiligheid belangrijkste thema voor Hagenaars
Veiligheid, criminaliteit en openbare orde (48%) en wonen en ruimtelijke ordening (38%) zijn de belangrijkste thema’s voor Hagenaars bij de aankomende gemeenteraadsverkiezing. In januari werden deze thema’s net zo vaak aangevinkt. Verkeer, parkeren en bereikbaarheid wordt in de meting van februari (23%) iets vaker belangrijk gevonden dan tijdens de meting in januari (20%) en komt daarmee in de top drie van belangrijkste onderwerpen.
Ten opzichte van vier jaar geleden zijn veiligheid (van 38 naar 48%), verkeer (van 16 naar 23%) en onderhoud openbare ruimte (van 13 naar 18%) belangrijker geworden.

*Deze onderwerpen zijn in de meting van 2022 iets anders voorgelegd: ‘Wonen en ruimtelijke ontwikkeling’ (‘Betaalbaar wonen’), ‘Gezondheidszorg, waaronder jeugdzorg’ (‘Gezondheidszorg en verslavingszorg’ (15%), ‘(Zorg-) voorzieningen voor jongeren’ (3%) en ‘(Zorg-) voorzieningen voor ouderen’ (5%)), ‘Armoedebestrijding’ (‘Armoedebestrijding, werk en inkomen’), ‘Milieu, duurzaamheid, klimaat en dierenwelzijn’ (‘Milieu’ (14%), ‘Duurzaamheid, klimaat, energiebesparing’ (18%) en ‘Dierenwelzijn’ (3%)) en ‘Afval’ (‘Afvalinzameling, aanpak zwerfafval’).
Opkomstintentie voorlopig vergelijkbaar met 2022
Op dit moment zeggen zes op de tien Hagenaars (63%) in maart ‘zeker’ naar de stembus te gaan. Dit aandeel ligt even hoog als in januari (62%). Anders dan in 2018 en 2022 is het aandeel Hagenaars dat zeker zegt te gaan stemmen een maand voor de verkiezing niet toegenomen. In vergelijking met de vorige gemeenteraadsverkiezing, ligt het aandeel dat in maart zegt te gaan stemmen iets lager (toen 68%). Het percentage Hagenaars dat zegt zeker te gaan stemmen is hoogstwaarschijnlijk een overschatting van de daadwerkelijke opkomst. In februari 2026 zei 68 procent ‘zeker te gaan stemmen’. Uiteindelijk was de opkomst 43 procent. Omdat het huidige percentage zekere stemmers iets lager is dan in 2022 zou het kunnen dat de uiteindelijke opkomst ook iets lager zal zijn.
Figuur 2: Percentage dat aangeeft ‘zeker’ te gaan stemmen en opkomst in 2018, 2022 en 2026

Onderzoeksverantwoording
Ipsos I&O heeft, in opdracht van de gemeenteraad van Den Haag, een representatief onderzoek uitgevoerd onder de kiesgerechtigde inwoners van Den Haag (18+). Deze rapportage gaat over de tweede meting van het onderzoek. De tweede meting werd uitgevoerd van 9 februari tot en met 22 februari 2026. In totaal namen 1.270 inwoners van Den Haag deel aan dit onderzoek. Er zijn drie steekproefbronnen ingezet:
- I&O Research Panel. Alle inwoners van Den Haag uit het panel zijn benaderd voor een online enquête. Vooraf is gevraagd of men nog in de gemeente Den Haag woonachtig was. In totaal namen 574 panelleden deel aan het onderzoek.
- BAG-steekproef. Hierbij is een bruto-steekproef van 5.000 inwoners (18+) getrokken uit het BAG-register. Inwoners zijn per brief benaderd om de enquête online in te vullen. Er is één herinneringsbrief gestuurd. In totaal namen 389 inwoners deel.
- Het panel van PanelClix. Inwoners van Den Haag met een migratieachtergrond uit het panel zijn benaderd voor een online enquête. De vragenlijst werd 307 ingevuld door deze panelleden.
Weging
De onderzoeksresultaten zijn gewogen op geslacht, leeftijd, opleiding, stadsdeel en stemgedrag bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2025. De weging is uitgevoerd conform de richtlijnen van de Gouden Standaard. Hiermee is de steekproef representatief voor de kiesgerechtigde inwoners van Den Haag (18+), voor wat betreft deze achtergrondkenmerken.
Asher van der Schelde
Senior onderzoeker
Lotte Reijnders
Onderzoeker