Groeiende groep wil kritischer houding richting Israël
Bekijk het rapport (PDF)
Sinds oktober 2023 vragen we Nederlanders hoe zij aankijken tegen de oorlog in Gaza. Dit is de vijfde meting, uitgevoerd tussen 29 augustus en 1 september 2025, onder een representatieve steekproef van 1.155 Nederlanders van 18 jaar en ouder.
Betrokkenheid bij en zorgen over conflict nemen weer toe
Zes op de tien (60%) Nederlanders volgen het conflict tussen Israël en de Palestijnen naar eigen zeggen op de voet of op hoofdlijnen. Dit aandeel nam toe sinds april van dit jaar (toen: 50%) en is vergelijkbaar met november 2023.
Twee derde (68%) maakt zich enige of veel zorgen over het conflict. Sinds oktober 2023 namen de zorgen gestaag af. Nu zien we echter weer een toename (in april ging het nog om 62%). Het aandeel dat zich zorgen maakt is nu vergelijkbaar met september 2024.
De verantwoordelijkheid voor het voortduren van het conflict wordt momenteel vooral bij premier Netanyahu (71% acht hem volledig of grotendeels verantwoordelijk), Hamas (65%) en Israël (63%) gelegd. Andere partijen (de VS, Iran, Palestijnse Autoriteit) worden beduidend minder vaak verantwoordelijkheid toegedicht.
Nederlanders meer uitgesproken over regeringsbeleid; twee derde kritisch
Het aandeel Nederlanders dat ‘helemaal niet’ of ‘in beperkte mate’ achter het Nederlandse beleid over het conflict staat, neemt toe. Momenteel staat 65 procent van de Nederlanders hier niet of beperkt achter. Niet eerder was dat aandeel zo hoog. Afgelopen april ging het nog om 59 procent.
Sinds april nam het aandeel dat wél achter het regeringsbeleid staat ook iets toe: van 15 naar 18 procent. Dat zowel het aandeel voor- als tegenstanders wat toenam komt doordat men nu vaker een mening heeft. Het aandeel ‘weet ik niet’ nam af van 26 procent in april naar 17 procent nu.
Geen van de kiezersgroepen staat nog achter het regeringsbeleid. In november 2023 stond nog een meerderheid van de VVD- en CDA-kiezers (57 en 56%) achter de benadering van het kabinet. Nu is dat respectievelijk 35 en 26 procent.
Figuur 1: In welke mate staat u achter de manier waarop de Nederlandse regering omgaat met het conflict tussen Israël en de Palestijnen? Basis: allen (n = 1.155).

Bron: Ipsos I&O, september 2025
Zes op tien: ‘wees kritischer op Israël’
Figuur 2 toont dat 12 procent de reactie van de regering op het conflict goed vindt. Sinds 2023 nam dit aandeel duidelijk af (oktober 2023: nog 21% achter reactie). De meerderheid (58%) wil een kritischer opstelling naar Israël. Sinds april nam dit aandeel wat toe (toen: 54%). Ook het aandeel dat vindt dat Nederland meer steun aan Israël moet bieden is de afgelopen twee jaar wat toegenomen (6% naar 12%).
Figuur 2: Als u denkt aan de reactie van de Nederlandse regering naar aanleiding van het conflict in Israël en de Palestijnse gebieden, vindt u deze reactie dan goed, vindt u dat Nederland meer steun moet bieden aan Israël of moet Nederland juist kritischer zijn op Israël? Basis: allen (n = 1.155).

Van de kiezers van GL-PvdA (91%), D66 (78%) en CDA (76%) pleit een duidelijke meerderheid voor een kritischer opstelling tegenover Israël. VVD-kiezers zeggen vaker dat de regering kritischer moet zijn (41%). Kiezers van PVV en JA21 zijn verdeeld over de kwestie: in ongeveer gelijke delen willen zijn meer steun voor Israël, meer kritiek, of vinden zij de huidige reactie juist goed.
Figuur 3: Houding t.a.v. reactie van Nederlandse regering op het conflict
Naar huidige politieke voorkeur. Basis: allen (n = 1.155). Getoond: partijen met voldoende waarnemingen.

Critici roepen op tot duidelijker standpunt en sancties tegen Israël
Dat veel Nederlanders een kritischer houding richting Israël willen, blijkt ook uit de open toelichtingsvraag die we stelden aan degenen die niet of beperkt achter het regeringsbeleid staan (65% van allen; zie figuur 1). Op de open vraag wat de regering volgens hen anders zou moeten doen, zeggen veruit de meeste dat zij een harder optreden tegen de Israëlische regering willen. Het kabinet moet zich volgens hen duidelijker uitspreken. Dat betekent voor hen bijvoorbeeld erkennen dat er genocide gaande is en maatregelen nemen (bijvoorbeeld een boycot, Palestijnse staat erkennen). Een klein groepje respondenten zegt hier juist meer steun voor Israël of minder bemoeienis met het conflict te willen.
Degenen die wel achter het regeringsbeleid staan (18%), spreken veelal steun uit voor Israël en vinden dat de regering Israël moet blijven steunen in de oorlog tegen Hamas. Anderen willen wel actie tegen de Israëlische regering, maar vinden het realistischer en/of wenselijker om dat in Europees of ander internationaal verband te doen (niet als Nederland alleen). Tot slot is ook hier een kleine groep die wil dat Nederland zich helemaal van het conflict afzijdig houdt.
Bijna helft wil stop op wapenimport en boycot op producten uit bezette gebieden
Tot slot legden we een aantal stellingen over het conflict voor. Zes op de tien Nederlanders (59%) vinden de militaire reactie van Israël op de aanvallen van Hamas buitenproportioneel. Sinds september 2024 (toen 46% het eens was met deze stelling) is deze mening sterk gegroeid.
Ongeveer de helft (49%) wil dat Nederland geen wapens meer uit Israël koopt (21% oneens, rest neutraal of weet niet). Een boycot op producten uit de door Israël illegaal bezette gebieden krijgt steun van 46 procent (20% oneens). Achter het onmiddellijk erkennen van de Palestijnse staat, zoals links-progressieve partijen willen, schaart 38 procent zich. Een kwart (23%) wil dat niet, de rest staat er neutraal tegenvoer (18%) of weet het niet (20%).
Op vrijdag 22 augustus stapte minister van Buitenlandse Zaken Veldkamp uit het kabinet – en met hem ook de andere NSC-ministers en staatssecretarissen – omdat het kabinet het niet eens kon worden over nieuwe maatregelen tegen Israël. Drie op tien (29%) vinden dat een terechte stap, een groter aandeel niet (36%).
Voor vrijwel alle stellingen geldt dat circa één op vijf er geen mening over heeft.
Onderzoeksverantwoording
Dit onderzoek vond plaats van vrijdag 29 augustus tot maandagochtend 1 september 2025. In totaal werkten 1.155 Nederlanders van 18 jaar of ouder mee aan dit onderzoek. De steekproef is grotendeels getrokken in het I&O Research Panel. Een deel deed mee via PanelClix. Dit zijn voornamelijk jongeren, lager opgeleiden en respondenten met een niet-westerse achtergrond.
De onderzoeksresultaten zijn gewogen op geslacht, leeftijd, regio, opleidingsniveau en stemgedrag bij de Tweede Kamerverkiezingen in november 2023. De weging is uitgevoerd conform de richtlijnen van de Gouden Standaard (CBS). Hiermee is de steekproef representatief voor de kiesgerechtigde Nederlandse inwoners (18+), voor wat betreft deze achtergrondkenmerken. Bij onderzoek is er sprake van een betrouwbaarheidsinterval en onnauwkeurigheidsmarges. In dit onderzoek gaan we uit van een betrouwbaarheid van 95 procent. Bij een steekproef van n=2.000 en een uitkomst van 50 procent is er sprake van een foutmarge van plus of min 2,2 procent.
Peter Kanne
Senior onderzoeksadviseur
Maartje van de Koppel
Onderzoeker