Groeiend draagvlak voor speellimieten, maar ervaren nut blijft achter
Bekijk het rapport (PDF)
In 2023 deed Ipsos I&O een eerste meting naar de ervaringen en omgang van online gokkers met speellimieten. [1] Sindsdien zijn er meerdere aanvullende regels ingesteld om spelers beter te beschermen tegen de risico’s van (online) kansspelen. Het doel van dit onderzoek is het bieden van inzicht in de ervaring, het gebruik en de waardering van het huidige systeem van speellimieten door online kansspelspelers. Specifieke aandacht gaat uit naar eventuele veranderingen in het gebruik van speellimieten sinds de recente wijzigingen in kansspelbeleid, de waardering van die veranderingen en hoe spelers naar voorgenomen nieuwe maatregelen kijken.
[1] Elke vergunde kansspelaanbieder moet een nieuwe speler limieten laten instellen met betrekking tot de maximale inlogtijd (‘tijdslimiet’), de maximaal mogelijke storting (‘geldlimiet’), het maximale bedrag op de speelrekening (‘geldlimiet’). Voor de eerste twee limieten mag een speler zelf beslissen of hij een dag-, week- en/of maandlimiet instelt. Dit is ook afhankelijk van de kansspelaanbieder. Een aanbieder kan er daarnaast voor kiezen om een verlieslimiet (per dag, week of maand) aan te bieden (‘geldlimiet’). De verlieslimiet gaat over het maximaal te verliezen bedrag en is niet verplicht.
Groeiend draagvlak voor speellimieten, maar ervaren nut blijft achter
In 2025 vindt een meerderheid (82%) van de spelers verplichte speellimieten ‘een (zeer) goede zaak’, een stijging ten opzichte van 2023 (76%). De voornaamste argumenten voor deze positieve houding zijn de beschermende werking tegen verslaving en het creëren van bewustwording.
Figuur 1. Wat vind je ervan dat spelers bij legale online kansspelen verplicht speellimieten moeten instellen?
Basis: Nederlanders (18+) met één of meerdere accounts voor online kansspelen, die aangeven (onder andere) op legale websites te spelen (2025, n=1.507; 2023, n=1.698)

Dit draagvlak staat in contrast met de mate waarin spelers denken zelf gebaat te zijn bij het instellen van speellimieten. Net als in 2023 zegt minder dan de helft van de spelers (40%) dat zij door het instellen van een geldlimiet minder besteden aan kansspelen en drie op de tien (30%) zeggen minder tijd te besteden aan kansspelen door hun tijdslimiet. Het aandeel spelers dat van mening is “het eigen speelgedrag onder controle te hebben en daarom persoonlijk geen limieten nodig te hebben”, is gegroeid van 57 procent in 2023 naar 64 procent in 2025.
Er zijn verschillen tussen typen spelers: minder dan de helft van de gematigd- (43%) en hoog-risico spelers (45%) heeft naar eigen zeggen zijn of haar speelgedrag onder controle en daarom geen speellimieten nodig. Onder de niet-problematische – en laag-risico spelers geldt dat respectievelijk voor 74 en 69 procent. Ook is er een verschil in de waarde die speellimieten voor spelers hebben. Waar een meerderheid van de laag- (63%) en gematigd-risico spelers (57%) zegt dat de speellimieten helpen om het eigen gedrag in de hand te houden, geldt dat voor een minderheid van de niet-problematische spelers (39%) en hoog-risico spelers (45%).
Minder spelers dan in 2023 vinden het moeilijk om een limiet te kiezen
Spelers geven aan over het algemeen beter na te denken over geldlimieten dan over tijdslimieten. Het aandeel spelers dat goed nadacht over het maximale geldbedrag is gestegen van 63 procent in 2023 naar 69 procent in 2025. Voor tijdslimieten blijft dit percentage stabiel op ongeveer de helft (2025: 50%; 2023: 48%). Tegelijkertijd geeft 25 tot 30 procent aan ‘maar iets in te vullen’ om snel te kunnen spelen of bewust een hoge limiet te kiezen om er geen last van te hebben. Uit de interviews komt een aanvullende, pragmatische overweging naar voren: sommige spelers stellen hun limiet bewust net onder een grens in om een verplicht contactmoment met de aanbieder te vermijden.
Een andere verandering ten opzichte van 2023 is dat spelers aangeven het instellen van limieten minder lastig te vinden. Het percentage dat het lastig vond een goede geldlimiet te kiezen, is afgenomen van 26 procent naar 16 procent. Een vergelijkbare daling is zichtbaar bij tijdslimieten, waar dit aandeel daalde van 29 procent naar 21 procent.
Figuur 2. In hoeverre ben je het eens met deze stellingen? Bij het instellen van de limiet voor de maximale tijd die/het maximale geldbedrag dat ik per dag, week of maand wil besteden aan online kansspelen…
Basis: Nederlanders (18+) met één of meerdere accounts voor online kansspelen, die aangeven (onder andere) op legale websites te spelen, die aangeven een tijdslimiet (n=556) of een geldlimiet (n=830) te hebben ingesteld.

Er zijn duidelijke verschillen tussen spelers met een laag-risicoprofiel en een hoog-risicoprofiel. Spelers met een gematigd- of hoog-risicoprofiel geven vaker aan dat zij het lastig vinden een passende limiet te kiezen dan spelers met een lager risicoprofiel. Zo rapporteert 41 procent van de hoog-risicospelers ‘geen idee’ te hebben wat een goed geldbedrag zou zijn, tegenover 19 procent van de niet-problematische spelers. Bijna de helft van de gematigd- en hoog-risico spelers geeft verder aan een hoge limiet in te vullen zodat ze er geen last van hebben (respectievelijk 47% en 45%). Van de niet-problematische spelers doet een kwart dat (24%). Verder geven hoog-risicospelers aan vaker informatie te zoeken over speellimieten bij externe bronnen, zoals websites of vrienden en familie.
Steun voor overkoepelende stortingslimiet, weerstand tegen delen van financiële informatie
Tot slot is in kaart gebracht hoe spelers mogelijke toekomstige maatregelen waarderen. De bevindingen laten zien dat spelers openstaan voor effectievere bescherming, maar terughoudend zijn als het gaat om maatregelen die hun (financiële) privacy raken. Een draagkrachttoets, waarbij spelers financiële informatie moeten delen om een hoge stortingslimiet in te stellen, stuit op weerstand. Een groep van 42% van de spelers geeft aan dit principieel “niet oké” te vinden, voornamelijk vanwege privacybezwaren. Spelers zijn het meest terughoudend over het moeten delen van informatie over spaargeld (9% vindt dit oké) en relatief het minst onwelwillend over het delen van informatie over schulden (38% vindt dit oké). Hoog-risicospelers (32% voorstander) staan positiever tegenover het delen van informatie over geldzaken dan niet-problematische (18%) en laag-risicospelers (15%). Ondanks de weerstand geeft een meerderheid van de spelers (55%) aan te denken dat het checken van geldzaken kan helpen om gokproblemen te voorkomen.
Eén overkoepelende stortingslimiet die voor alle legale goksites tegelijk geldt, krijgt meer steun in dit onderzoek. Een meerderheid van 58 procent van de spelers staat hier positief tegenover, en twee derde (67%) gelooft dat dit kan helpen om gokproblemen te voorkomen. Voorstanders erkennen de ‘zwakte’ van het huidige systeem, waarbij iemand als hij wil met gemak op meerdere websites een account kan aanmaken en daarmee de beoogde functie van de stortingslimiet kan omzeilen. Tegenstanders noemen met name ‘betutteling’ als argument tegen deze maatregel. Anders dan bij het draagvlak voor een draagkrachttoets is het draagvlak voor deze maatregel juist lager onder hoog-risicospelers (41% voor) dan onder niet-problematische spelers (62% voor).
Onderzoeksverantwoording
De basis van dit onderzoek is een kwantitatieve online vragenlijst onder 1.507 Nederlanders (18+) met een eigen account voor online kansspelen, die aangeven op (onder andere) legale websites te spelen. Zij vulden de vragenlijst in tussen 23 juli en 11 augustus 2025. De resultaten zijn gewogen op basis van cijfers van de Kansspelautoriteit om een representatief beeld te geven van de totale groep online spelers. Ter verdieping en duiding van de kwantitatieve data zijn 12 individuele diepte-interviews afgenomen met een diverse groep online spelers.
Charlotte van Miltenburg
Senior onderzoeker
Dewi Hollander
Onderzoeker